Voorlezen met een baby of een peuter is meer dan lezen alleen. Verhalen verzinnen, liedjes zingen en versjes vertellen bij de prenten. Ook dat is voorlezen. 
Volg het ritme van je kind. Jonge kinderen zijn wispelturig en sneller afgeleid. Kies dus voor verschillende korte voorleesmomenten. Weet dat je de meeste boekjes niet netjes van voor naar achter hoeft te lezen, en dat je niet meteen élk woord moet voorlezen. En het leuke aan voorlezen en in boekjes kijken, is dat het altijd en overal kan. 
Laat ook een paar boekjes rondslingeren. Wie weet komt je kindje vroeg of laat zelf met een boek aanzetten. Of zie je je peuter plots in zijn eentje zitten bladeren en kijken. 

De eerste maanden

Baby's houden van zwart-wit contrasten. Ze horen graag je stem en vinden het fijn als je tegen hen praat of voor hen zingt. Laat je baby rustig kijken terwijl je het boekje stil voor hem houdt.

Na enkele maanden

Baby's verkennen een boek al kijkend, voelend en letterlijk proevend. Ook knisperboekjes vinden ze geweldig. Ze genieten van versjes en liedjes, in eender welke taal.

Rond 1 jaar

De baby ontdekt het boek als boek. Laat hem de baas zijn van het boek, en ga er in mee. Je kan aanwijzen en benoemen wat er allemaal gebeurt, zo pikken jonge kinderen allerlei woorden op.

Rond 2 jaar

De aandacht gaat steeds meer naar de inhoud van het boek. Terwijl je samen het boek bekijkt, vindt je kind het leuk dat je hem bevestigt en stimuleert.

Rond 2,5 jaar

Tijd om echt voor te lezen! Peuters begrijpen steeds beter hoe boeken lezen gaat. Maak het gezellig. Geluiden en gebaren vinden kinderen heerlijk. Leesplezier staat voorop, in welke taal je ook voorleest!