Tip 100 eerste woordjes
Auteur
Edward Underwood
Uitgeverij
Gottmer, 2019

100 eerste woordjes

Een groot en stevig aanwijsboek met flapjes. Elke dubbele bladzijde snijdt een ander thema aan. Zo komen woorden en begrippen aan bod die horen bij de boerderij, buiten, dieren, thuis, voertuigen, mensen en naar bed. Woorden en begrippen die aansluiten bij de belevingswereld van jonge kinderen.

Speel- en voorleestips

Laat je peuter vrij op ontdekking gaan in dit grote boek! Zet je gezellig bij hem en kijk mee in het boek. Waar kijkt je peuter naar? Wat wijst hij aan? Benoem dit, en vertel voluit! Laat je peuter zelf kijken wat er achter de flapjes zit. Boots de dierengeluiden na, laat de motor van de tractor loeien, proef van de peer en de banaan, maak van je handen een fladderende vlinder. Kijk, vertel, speel en beleef samen de woorden uit dit boek.
Zing liedjes bij de dieren of de voorwerpen. Bij de paraplu kan je dit liedje zingen:
Parapluutje, parasolletje, eentje voor de regen, de ander voor de zon, pardon!
of je kan tikkend met je vingers de regen nadoen, en zingen:
Tikke takke regen. Tik tak op het dak. Tikke takke regen, op de wegen. Plens, plens, plas plas plas! Druppeltjes op mijn regenjas…
Bij de tekening van de jongen waar hoofd-schouders-knie-teen bij geschreven staat, zing je het lied:
Hoofd, schouders, knie en teen, knie en teen. Hoofd, schouders, knie en teen, knie en teen. Oren, ogen, puntje van je neus. Hoofd, schouders, knie en teen, knie en teen… Terwijl je dit zingt, maak je ook de aanrakingen en bewegingen!
Bij de muis kan je een kriebelspelletje spelen: maak van je hand een muis die komt aangetrippeld: Komt een muisje aangelopen, Komt in … (naam van je kind) nekje gekropen! Zo kan je alle lichaamsdelen kriebelen en benoemen.